Rolf Jansma is oprichter en eigenaar van Energyc. Een jong en snelgroeiend bedrijf dat organisaties ondersteunt bij uiteenlopende energievraagstukken. Van individuele bedrijven tot gemeenten, provincies en beursgenoteerde ondernemingen: Energyc denkt mee, adviseert en realiseert. Sinds de oprichting in oktober 2021 is het bedrijf uitgegroeid tot een team van zes professionals. Met elkaar werken ze dagelijks aan slimme en duurzame oplossingen binnen de energietransitie, door heel Nederland.
Hoe zou je jouw functie omschrijven?
Ik ben oprichter en eigenaar van Energyc. In de praktijk ben ik vooral bezig met het inhoudelijke werk — en dat is precies wat ik het leukst vind. Energyc is inmiddels een team van zes professionals, en samen werken we dagelijks aan slimme en duurzame oplossingen binnen de energietransitie.
Wat we doen laat zich opdelen in drie hoofdonderdelen. Allereerst helpen we individuele ondernemers: bedrijven die willen verduurzamen, uitbreiden of nieuw bouwen. Denk aan advies over energie-efficiëntie, opwek, opslag en netaansluitingen. Daarnaast zijn we veel bezig met mobiliteit en logistiek — met name laadinfrastructuur op bedrijventerreinen en langs snelwegen. We begeleiden die trajecten van eerste idee tot en met realisatie. Tot slot werken we nauw samen met gemeenten, provincies en netbeheerders. Bijvoorbeeld op plekken waar netcongestie een probleem is, of waar de behoefte aan gezamenlijke energieoplossingen groeit.
Sinds de oprichting in oktober 2021 is Energyc flink gegroeid. We zijn actief door heel Nederland — van Friesland en Groningen tot de Randstad en Zuid-Nederland. Onder onze opdrachtgevers zitten zowel mkb-bedrijven en gemeenten als grotere, beursgenoteerde ondernemingen. Wat ons drijft is de overtuiging dat de energietransitie niet alleen om techniek gaat, maar vooral om samenwerking en het verbinden van partijen.
Hoe kijk je vanuit jouw expertise naar bedrijventerreinen die toekomstbestendig willen worden?
Er zijn grote verschillen. Sommige gemeenten pakken het onderwerp heel serieus op — daar is kennis, betrokkenheid en worden concrete stappen gezet. Maar we zien ook veel situaties waarin het onderwerp wordt onderschat of waar het proces stagneert.
Wat ik vaak tegenkom is dat er pas actie wordt ondernomen als het éécht een probleem wordt. Een bedrijf dat wil uitbreiden maar geen netaansluiting kan krijgen, of een terrein waar de capaciteit simpelweg op is. Terwijl juist vooruit kijken essentieel is: de implementatie van energieoplossingen kost jaren.
Wij bieden een kijkje achter de voordeur. Waar veel partijen stoppen bij cijfers en analyses, duiken wij dieper: wat speelt er écht bij een bedrijf? Wat zijn de toekomstplannen, groeiscenario’s of verduurzamingsambities? Die context is essentieel. We merken dat netbeheerders of gemeenten vaak niet precies weten wat er achter de meter gebeurt. Wij maken die vertaalslag en denken direct mee over alternatieven — opslag, energiemanagement, lokale opwek of slimme sturing.
Neem bijvoorbeeld een bedrijventerrein in de provincie Groningen waar we nu aan werken. We gaan daar letterlijk bij de bedrijven langs, interviewen ze over hun energieverbruik en plannen, en vertalen dat naar een gebiedsgerichte aanpak. Dát levert pas echt inzicht op.
Wat zijn de grootste uitdagingen die jij als ondernemer tegenkomt bij het verduurzamen van je bedrijf?
De timing van onze start was bijzonder, om het voorzichtig uit te drukken. Energyc is opgericht in oktober 2021, en ik was letterlijk een maand bezig toen de eerste lockdown nog vers in het geheugen lag en corona het zakendoen bleef beïnvloeden. Probeer maar eens als nieuw bedrijf relaties op te bouwen en opdrachten binnen te halen als je niemand kunt ontmoeten. Klantcommunicatie, netwerken, het eerste vertrouwen winnen — dat gaat toch het best als je iemand in de ogen kunt kijken. Die periode was zwaar.
Maar corona heeft ons tegelijkertijd enorm veel gebracht op technologisch vlak. We zijn al in 2022 vol overgestapt op technologische oplossingen en vergaande AI-implementaties. Wat andere bedrijven nu pas ontdekken, is bij ons al jaren ingebed in onze werkprocessen. We lopen daar inmiddels in voorop, en dat is een direct gevolg van die gedwongen digitalisering in het begin.
Daarnaast is de energiemarkt per definitie instabiel, en dat voelen wij direct. Eerst was er de oorlog in Oekraïne, met de enorme impact op stroom- en gasprijzen. Op dit moment zien we de effecten van wat er in Iran speelt. Dat soort geopolitieke momenten merken wij altijd direct in onze aanvragen — bedrijven die ineens versneld willen verduurzamen, of juist even pas op de plaats maken vanwege de onzekerheid. Die dynamiek maakt ons werk uitdagend, maar ook relevant: juist in tijden van instabiliteit is er behoefte aan partijen die de markt begrijpen en bedrijven kunnen helpen de juiste keuzes te maken.
En dan is er nog de complexiteit van het speelveld zelf. Je zit op het snijvlak van techniek, beleid, regelgeving en commercie. Elke gemeente werkt anders, elke netbeheerder heeft andere processen, en de regelgeving verandert voortdurend. We werken inmiddels voor opdrachtgevers door heel Nederland — van Noord-Nederland tot de Randstad en Zuid-Nederland — en ook voor grotere, beursgenoteerde bedrijven. Die groei goed managen en tegelijkertijd de inhoudelijke kwaliteit hoog houden, dat is een uitdaging op zich.
Als je met een druk op de knop één ding kon veranderen, wat zou dat zijn?
Dan zou ik de manier van denken willen verschuiven. We zijn nog zo gericht op méér: meer groeien, meer stroom, grotere aansluitingen. Terwijl de vraag ook zou moeten zijn: kan het anders? Kunnen we energie slimmer inzetten, efficiënter organiseren, of zelfs reduceren?
We raken op allerlei fronten fysieke grenzen — fysieke ruimte, netcapaciteit, grondstoffen. In dat licht is het noodzakelijk om kritischer te kijken naar de vraagkant. Niet direct inzetten op technische oplossingen zoals batterijen, maar eerst analyseren wat werkelijk nodig is en hoe het anders kan. Die stap wordt nu nog te vaak overgeslagen.
Ik zie het in de praktijk: een bedrijf komt bij ons met de vraag ‘we willen een grotere aansluiting’. Dan kijken wij eerst naar het huidige verbruiksprofiel, optimalisatiemogelijkheden en slim energiemanagement. In veruit de meeste gevallen blijkt dat er met slimme sturing en eventueel opslag een oplossing mogelijk is zonder die grotere aansluiting. Dat bespaart niet alleen kosten, maar ontlast ook het net.
Wat mij betreft ligt dáár een belangrijk deel van de sleutel tot een toekomstbestendige aanpak.
Welke tip heb je voor parkmanagers en gemeentes?
Begin vandaag. Niet morgen, niet na de volgende raadsvergadering — vandaag. De doorlooptijden in de energietransitie zijn lang: van eerste gesprek tot realisatie praat je al snel over twee tot vier jaar. Als je nu pas begint met nadenken, loop je straks achter de feiten aan.
Mijn tweede tip: verzand niet in uitgebreide rapporten en grote studies. Bedrijven en ondernemers hebben behoefte aan duidelijkheid en daadkracht. Ga het terrein op, praat met de ondernemers, inventariseer wat er speelt. Wij merken keer op keer dat de echte inzichten niet uit data komen, maar uit gesprekken.
En tot slot: faciliteer samenwerking. De complexiteit van energievraagstukken betekent dat bedrijven het niet meer alleen kunnen. Kansen die bij de één liggen, kunnen waardevol zijn voor de ander. Een bedrijf met pieken in stroomverbruik naast een bedrijf met zonnepanelen en overcapaciteit — dát zijn de combinaties waar oplossingen ontstaan. De parkmanager of gemeente die die verbindingen legt, maakt echt het verschil.
Waar kijk je het meeste naar uit voor de komende tijd?
Naar de concrete resultaten van de trajecten waar we nu middenin zitten. We werken aan een aantal projecten waar echt pionierswerk wordt verricht. Het groepscontract waar ik het eerder over had — samen met Liander, een gemeente, provincie en meerdere bedrijven — is daar een mooi voorbeeld van. Dat is uniek in Nederland en laat zien dat je met samenwerking en slim ontwerp wél vooruit kunt, ook daar waar het net vol zit.
Daarnaast kijk ik uit naar de groei van ons team. We zijn met zes man en ik zie enorm veel potentieel. De vraag naar wat wij doen groeit harder dan we bij kunnen benen — dat is een luxeprobleem, maar ook een mooie uitdaging.
En breder: ik merk dat het besef groeit dat de energietransitie geen ver-van-mijn-bed-show meer is. Steeds meer bedrijven en gemeenten komen proactief bij ons aankloppen. Die kanteling, van reactief naar proactief, daar word ik enthousiast van.
Wie draag je aan voor de volgende keer?
Ik draag voor de volgende keer Mark Bos van NVO Transport aan. NVO Transport (Noordelijke Vervoersorganisatie) is een unieke Nederlandse coöperatie van ongeveer 55 onafhankelijke transportbedrijven uit Noord-Nederland.